Turkse onderdanen zijn niet meer uitgesloten van de inburgeringsplicht. In 2011 achtte de hoogste bestuursrechter een inburgeringsplicht voor Turken in strijd met het Associatieverdrag uit 1963.  Maar het Hof van Justitie van de EU bood onlangs wat ruimte voor noodzakelijke beperkingen van de associatierechten uit dat verdrag. De regering heeft deze ruimte genomen om vanaf 1 mei Turkse asielstatushouders inburgeringsplichtig te maken. Andere Turkse migranten zullen inburgeringsplichting worden vanaf de inwerkingtreding van het nieuwe inburgeringsstelsel op 1 juli 2021. De rechtmatigheid van deze beslissing is nog niet door de rechter getoetst.

Wat gaat er veranderen?

De veranderingen hebben betrekking op verschillende groepen van Turkse migranten.

De huidige groep Turkse asielstatushouders, die vóór 1 mei een (tijdelijke) verblijfsstatus kregen, vallen tot 1 juli 2021 onder de zogenoemde opt-inregeling waarmee zij vrijwillig kunnen inburgeren. Veel van deze statushouders hebben zelf stappen ondernomen om de Nederlandse taal te leren. Zij moesten de kosten hiervoor zelf dragen, omdat zij (in tegenstelling tot statushouders uit andere niet-EU-landen) niet onder de wettelijke inburgeringsplicht vielen. Er is geregeld dat zij hun afgesloten DUO-lening ter bekostiging van gevolgde inburgeringscursussen (met terugwerkende kracht) kwijtgescholden krijgen.

Nieuwe Turkse statushouders, die tussen 1 mei 2020 en 1 juli 2021 in Nederland hun status ontvangen, zullen vallen onder het huidige inburgeringsstelsel. Dit betekent dat zij een lening kunnen afsluiten die zij niet terug hoeven te betalen indien zij binnen drie jaar aan de inburgeringsverplichtingen voldoen. Als er geen omstandigheden spelen waarvoor termijnverlenging wordt verstrekt en de termijn wordt overschreden, dan moet de lening worden terugbetaald en kan een boete worden opgelegd van maximaal 1250 euro. Indien niet binnen vijf jaar aan de inburgeringsplicht wordt voldaan kan het recht op permanent verblijf ontzegd worden.

Anders dan Turkse statushouders, krijgen arbeidsmigranten en hun gezinsleden die vóór 1 juli 2021 in Nederland wonen of komen te wonen nog geen inburgeringsplicht. Zij vallen voorlopig onder het huidige inburgeringsstelsel waarin zij vrijwillig kunnen inburgeren. Zij zullen de kosten hiervoor zelf moeten betalen.

Alle Turkse migranten, die vanaf 1 juli 2021 in Nederland zullen wonen, gaan vallen onder het nieuwe inburgeringsstelsel. Voor statushouders betekent dat zij de taallessen niet zelf met sociale leningen hoeven in te kopen, maar dat deze worden aangeboden via de gemeente. Voor andere migranten vervalt het vrijwillig karakter van het inburgeren en zullen zij de kosten van de verplichte inburgeringstrajecten zelf dragen.

Wat vinden wij hiervan?

Stichting Civic ondersteunt beleid voor nieuwkomers in Nederland dat bijdraagt aan dat zij een goede start hebben in hun nieuwe thuisland. Civic is daarom niet principieel tegen maatregelen die het doel hebben bijvoorbeeld taalniveaus te verbeteren. Het is echter zaak dat bij het invoeren van nieuwe maatregelen rekening wordt gehouden met de individuele omstandigheden van inburgeraars en de haalbaarheid van de aan hen gestelde verplichtingen, alsmede het effect van de verblijfsrechtelijke en financiële consequenties die aan het niet voldoen aan deze verplichtingen zijn verbonden. Het nieuwe inburgeringsstelsel biedt verbetering ten opzichte van het oude stelsel omdat het verschillende door het kabinet erkende problemen aanpakt (hoewel verschillende problematische aspecten behouden blijven, zoals de slaagplicht, het verhogen van het taalniveau en het versneld opleggen van sancties).

Turkse statushouders die tussen 1 mei 2020 en 1 juli 2021 naar Nederland komen zullen verplicht worden om in te burgeren onder het huidige problematische inburgeringssysteem, met alle bijkomende financiële en verblijfsrechtelijke consequenties van dien. Het is opmerkelijk dat het kabinet ervoor kiest om statushouders onder een regeling te laten vallen waarvan het de ernstige problematische aard zelf erkent. Hiermee wordt deze van zichzelf kwetsbare groep in een nog kwetsbaardere positie gebracht, met het risico dat de inburgeringsplicht voor Turkse statushouders het tegenovergestelde effect bereikt van het doel waarmee het wordt ingevoerd.

Stichting Civic roept hierom op tot een heroverweging van het besluit om Turkse statushouders die na 1 mei in Nederland arriveren onder de voorwaarden van het huidige inburgeringsstelsel verplicht te laten inburgeren, en (als eventueel alternatief) tot 1 juli 2021 de opt-inmaatregel zoals deze na 1 mei 2020 zal worden toegepast op momenteel in Nederland verblijvende Turkse statushouders ook voor deze groep te blijven handhaven.

daniel-e1509622743948

Daniel van Dijk

Stagiair Juridisch

Profiel-pagina